Dikke koninginnen met een streepjescode
Hommels zijn bedreigde dieren, net als andere bijen en veel andere insectensoorten. Hun aantal gaat hard achteruit. Er zijn in Nederland 22 hommelsoorten. Sommige soorten die vóór het jaar 2000 nog door heel Nederland gezien werden, vind je nu nog maar op een paar plekjes. Zoals de moshommel (wadden; kuststrook van Gr. en Fr.), de zandhommel (Biesbosch en rond Haringvliet) en de heidehommel (Drentse hei).
Het leven van hommels
Van hommels overwinteren alleen de koninginnen, ergens op een beschut plekje in een rommelhoekje in tuin of natuur. Vroeg in het voorjaar gaan deze dikke dames vliegen. Ze zoeken een plekje om een nest te beginnen. Je kunt dan hele grote hommels vlak boven de grond zien rondscharrelen. Nestelen doen ze in holletjes in de grond, of òp de grond in de strooisellaag (akkerhommels), of in een holle boom of nestkast (boomhommels). Daar leggen ze een vloertje van zelfgeproduceerde was, en ze metselen er ook cellen mee, waar ze eitjes in leggen. Daaruit komen larfjes, die ze voorzien van stuifmeel om te eten. In het voorjaar worden dat de werksters: hommelvrouwtjes die niet bevrucht worden, i.t.t. de koningin. Werksters slepen hun hele leven nectar en stuifmeel naar het nest, zodat de koningin zich binnen kan toeleggen op eitjes leggen. Later, vanaf juni, worden er ook mannetjes geboren, darren. Die zorgen alleen voor zich zelf (nectar eten) en bevruchten nieuwe koninginnen, die in de zomer geboren worden. En zo is de cirkel rond.
Alleen bij de koekoekshommels (7 soorten in NL) gaat het anders. Een koekoekshommelkoningin dringt, als een soort party-crasher, het nest van een andere hommelsoort binnen. Ze vermoordt of verjaagt de koningin van het nest en ze legt haar eigen eitjes tussen de andere. Ze laat de werksters van de gastvrouw voor de babies zorgen.
Foto: weidehommel-koningin, met twee gele strepen en een bruin-oranje kont ↓
Determineren
Als de levenscyclus duidelijk is, kun je beginnen de hommels uit elkaar te houden. Elke soort heeft een eigen streepjescode; de kleurverdeling van kop tot kont is specifiek voor de soort (er zijn wèl uitzonderingen en variaties). Ze zijn te verdelen in: bruinruggen, bonte konten en witkonten. Dat is een hoofdindeling. Als je dat scherp hebt, ga je verder kijken naar een streepje zus en een streepje zo, en ook nog naar formaat, pluizigheid, achterschenen, glans en de lengte van de kop.
Als je net begint met hommels kijken is het fijn dat er nu, in het voorjaar, alleen nog maar koninginnen en werksters rondvliegen, geen darren. Die zien er anders uit en dat bemoeilijkt de zaak. En vanaf juni worden ook de koekoekshommels actief, die verraderlijk veel op andere soorten lijken. Dus nu, in het vroege voorjaar, is het nog makkelijk: 6 soorten hier in de buurt, alleen vrouwen.
Foro: twee witkonten bij elkaar: aardhommelgroep (2 gele strepen, links) en tuinhommel (3 gele strepen, rechts) ↓
Hulp
Daarbij kan je hulp inroepen. De hommels zijn relatief makkelijk: weinig soorten, lekker groot. Tips van Anne Marie, de bijenlandschap-redacteur:
Hulp 1: Mijn Olympus Tough compactcamera. Water- en stofdicht, val-bestendig. Maakt mooie close-ups van insecten. Maar een andere camera werkt ook, en voor hommels, relatief dik en duidelijk, kom je met een telefoon-camera ook een eind. Ik vang de hommels niet, maar als je dat wel doet, wordt fotograferen makkelijker.
Hulp 2. Gratis te downloaden: de Basisgids Hommels van EIS Kenniscentrum insecten. Staat alles in wat een beginnende hommelaar nodig heeft.
Hulp 3. Waarneming.nl. Daar kun je al je natuurwaarnemingen registreren en delen, en je werkt dan vanzelf mee aan kennis over de natuur. Als je je foto’s upload, krijg je een suggestie welke soort hier te zien is, en voor hoeveel procent dat zeker is. Is best nauwkeurig.
Hulp 4. De Facebookgroep Solitaire bijen en hommels. Hier heb ik al veel foto’s gedeeld om anderen hulp te vragen bij de determinatie. En ik volg ook de foto’s van anderen. Zo heb ik afgelopen jaar minstens 20 kleurvariaties van akkerhommels langs zien komen. Best leerzaam.
En waarom is dat nou zo leuk, die hommels?
Anne Marie: "Wat ìk er leuk aan vind: als je meer soorten dieren en planten kent, kun je altijd op safari en kun je je telkens verwonderen. In je eigen omgeving. Vooral van insecten zijn er heel veel soorten. Mijn Big Five zie ik in m’n eigen achtertuin; ik hoef niet naar Afrika of de Veluwe om wild te spotten. De camera is daarbij mijn beste vriend: als je kunt vergroten, zie je veel meer. Eindeloos genieten."
Nationale Bijentelling
En oja: op 16 en 20 april 2026 is er weer Nationale Bijentelling. Je kunt meedoen. Veel plezier!
Nog een determinatiehulpje, van Anne Marie ↓