Hoofdinhoud

Bosrand

Bos is voor weinig bijen een belangrijke biotoop, maar bosranden kunnen zeker wél van belang zijn. Daar groeien vaak bomen en struiken waarvan de bloesems in het voorjaar een belangrijke voedselbron vormen, zoals (in volgorde van bloei) wilgen, sleedoorn, gewone vogelkers, meidoorn en lijsterbes.

In de vroege zomer zijn ook braamstruwelen in bosranden belangrijke nectar- en stuifmeelleveranciers. Ook worden sommige bomen en struiken op zonnige plaatsen in de bosrand gebruikt door sommige bijen om in te nestelen, zoals braam en vlier. Bossen hebben dus wel degelijk waarde voor bijen, maar vooral als er open plekken zijn, zodat zonnige bosranden ontstaan.

 

Er kan meer bosrand gecreëerd worden door deze niet recht te maken, maar ‘gekarteld’: Door de bomen zo te planten dat om de 10 meter inhammen van 10 meter breed en 5 meter diep ontstaan. Zo ontstaat meer variatie in beschutting, zoninstraling en plantengroei, wat de diversiteit in dierenleven ten goede komt. Door de windluwte die in de inhammen ontstaat, zullen de bloeiende bomen en struiken ook bij sterke windkracht door bijen bezocht kunnen worden.

Foto: Anthonie Stip

Bloemrijk grasland

Maaien

Op open plekken in natuur- en recreatieterreinen kan bloemrijk grasland beheerd worden. Het kan verkregen worden door beheer gericht op verschraling (maaisel afvoeren), al kost het een aantal jaar om een mooi resultaat te krijgen. Voor meer biodiversiteit kunnen de maaiadviezen gevolgd worden: Bijvriendelijk maaien – Bestuivers.nl 

Of kijk bij de informatie van Berm en oever

Foto: Miep Münninghoff

Zaaien

Ook kan er ingezaaid worden. Door in de soorten bijenplanten een grote verscheidenheid in te kiezen, die verspreid over het jaar bloeit, zal een grote verscheidenheid aan bijen en andere bloembezoekende insecten ervan profiteren.

Kies inheemse bloemplanten, liefst met zaad uit de regio. Het best is een groot aandeel lip- en vlinderbloemen, zoals klaver, rolklavers en moerasandoorn, maar ook composieten zijn van groot belang. Bijensoorten die in Nederland in hun voortbestaan bedreigd zijn, zijn in hoge mate van dergelijke planten afhankelijk. Bijvoorbeeld: de geelstaartklaverzandbij, de klaverdikpoot, de gedoornde slakkenhuisbij en de grashommel.

Bij de keuze van de in te zaaien plantensoorten moet je rekening houden met de grondsoort, de vochtvoorziening en de voedselrijkdom van een gebied. Vaak is de grond te rijk aan voedingsstoffen om een diverse vegetatie te ontwikkelen. Verschralen van de grond kan door te maaien en het maaisel af te voeren. Meer informatie over keuze van zaadmengsels en werkwijze vind je hier.

Duinen

In 2023 is het onderzoeksrapport "Wilde bijen in Zuid-Holland: belangrijke soorten en belangrijke gebieden" dat EIS Kenniscentrum Insecten in opdracht van Provincie Zuid-Holland heeft uitgevoerd, gepubliceerd. Hier kwam naar voren dat de open duingebieden, van het zuidelijke deel van de Amsterdamse Waterleidingduinen tot en met de duinen van Goeree, wat aantal belangrijke bijensoorten betreft, veruit het belangrijkste bijengebied van Zuid-Holland zijn. Er komen veel bedreigde soorten voor en veel hiervan komen buiten de duinen niet of nauwelijks
voor in Nederland. 

Foto: Sander Foederer

Nestelplaatsen

Schrale plekken met weinig tot geen begroeiing, overblijvende holle stengels, oude bramentakken, lege slakkenhuizen: Elke bijensoort heeft een eigen voorkeur om te nestelen. 70 % van de soorten nestelt in de grond, 15 % in stengels en hout.

 

Biedt Bed & Breakfast: zowel nestgelegenheid als stuifmeel en nectar.

Meer informatie: Nestplaatsen - Bestuivers

Foto: Miep Münninghoff